Eerst even dit
Het examen duurt 35 minuten. Klinkt kort, maar het is genoeg om te laten zien wat je kunt. Je rijdt door de stad, doet 1 tot 2 bijzondere verrichtingen en navigeert een stuk zelfstandig. Iets meer dan de helft slaagt de eerste keer. En als het niet lukt, is dat geen ramp.
De examendag stap voor stap
Ophalen door je instructeur
Je instructeur haalt je op en rijdt naar het CBR-examencentrum. Neem je identiteitsbewijs mee (paspoort of ID-kaart, niet je bankpas).
Ontvangst door de examinator
De examinator stelt zich voor, controleert je identiteitsbewijs en legt kort uit hoe het examen verloopt. Dit duurt 5 minuten.
Voertuigcontrole
De examinator kan vragen stellen over de bediening: waar zitten de lichten, ruitenwissers, bandenspanning? Dit is geen theorietoets, maar een check of je de auto kent.
35 minuten rijden
Je rijdt een route door stadsverkeer, buitenwegen en soms een stukje snelweg. De examinator geeft aanwijzingen: 'Neem de volgende afslag rechts'.
Bijzondere verrichtingen
Tussendoor krijg je 1 tot 2 opdrachten: fileparkeren, haaks parkeren, keren of achteruitrijden.
Zelfstandig rijden
Het laatste deel rijd je naar een bestemming die de examinator noemt. Je bepaalt zelf de route via borden of navigatie.
Uitslag
Na het examen loopt de examinator terug naar het CBR. Je krijgt direct de uitslag: geslaagd of niet geslaagd, met een toelichting op de beoordeling.
Waarop beoordeelt de examinator?
De examinator kijkt naar 4 dingen. Geen afvinklijst, maar een totaalbeeld van hoe je rijdt:
- Voertuigbeheersing: kun je soepel sturen, schakelen en remmen? Geen perfectie, maar controle.
- Verkeersdeelname: rij je mee met het verkeer? Invoegen, voorrang, rotondes.
- Verkeersinzicht: zie je dingen aankomen? Een fietser die niet kijkt, een voetganger die oversteekt.
- Rijgedrag: rijd je zelfstandig? Kijk je goed? Pas je je snelheid aan?
Fouten maken mag
Veel mensen denken dat je geen enkele fout mag maken. Dat klopt niet. Een keer te laat schakelen, een iets te ruime bocht, richting aangeven vergeten bij het wegrijden: dat zijn punten, maar geen reden om te zakken. De examinator kijkt naar het totaalbeeld. Pas bij gevaarlijke situaties of steeds dezelfde fout wordt het een probleem.
Goed om te weten: wanneer zak je direct?
Bij een gevaarlijke situatie kun je direct zakken. Denk aan: door rood rijden, niet kijken bij het invoegen op de snelweg, of een voorrangsovertreding waarbij de examinator moet ingrijpen. Het gaat altijd om situaties waarbij andere weggebruikers in gevaar komen. Geen kleine foutjes, maar echte onveilige momenten.
De beste tip die je kunt krijgen
Rijd zoals je in je lessen rijdt. De meeste mensen die zakken, gaan ineens anders rijden tijdens het examen. Te voorzichtig, te langzaam, te veel twijfelen. De examinator wil gewoon zien dat je veilig en zelfstandig kunt rijden. Niet perfect, wel normaal.
Na het examen
Geslaagd? Dan krijg je een Verklaring van Rijvaardigheid. Daarmee ga je naar het gemeentehuis, en binnen 5 werkdagen heb je je rijbewijs. Niet geslaagd? Dan bespreek je met je instructeur wat er beter moet. Dat voelt even vervelend, maar de meeste mensen slagen bij hun tweede poging.




